Adem, ik ben bij je

Column Geneeskunde
Emma van den Boom 23-07-2019

Het zweet druppelt van haar voorhoofd naar beneden en mengt zich met de tranen op haar wangen, haar ogen wijd opengesperd op mij gericht. Ik glimlach naar haar en knik en ik zeg dat ze sterk is terwijl ik haar hand nog iets steviger vastpak. Haar pasgeboren kind levenloos op tafel een paar meter verderop en een hand die herhaaldelijk haar baarmoeder betreedt, weliswaar met de juiste medische bedoelingen, maar zonder aankondiging en zonder verdoving. Even haat ik mijn witte jas die bevestigt dat ik onderdeel uitmaak van wat er gebeurt. Het zien van haar pijn maakt me misselijk en ik wil zeggen dat hij moet stoppen, zijn hand wegduwen, naar OK, waar ketamine mijn belachelijke poging tot verdoving kan vervangen. Maar in plaats daarvan sta ik stil en beantwoord haar blik, we ademen samen. Ik zie haar man op de gang, hij veert op “ik hoorde dat mijn vrouw bevallen is!”. Zijn betrokkenheid verrast me en raakt me, net nu ik niet kan zeggen dat alles goed gaat. Iemand moet hem vertellen dat het een meisje was, dat ze vocht maar weggleed. Dat we hebben gereanimeerd, geventileerd, gebeden, dat het ons spijt. Maar niemand praat, niemand legt uit. Dus praat ik, dus leg ik uit. En in stilte ademen we samen.


Column: Emma van den Boom
Emma is student geneeskunde in Amsterdam. Als coassistent en student-assistent schrijft zij voor Medigo over haar ervaringen, de uitdagingen en charmes van de medische wereld.